| Staatssecretaris zet streep door PPO |
|
|
|
|
22 / 02 / 2006 - Begin februari: staatssecretaris Wijn van Financiën zet zich achter zijn bureau om een kort briefje aan de voorzitter van de tweede kamer te schrijven. Nog geen half uur later is hij klaar en staat er een grote streep door de toekomst van PPO in Nederland. Zomer 2005: minister Veerman neemt in Delfzijl feestelijk de eerste Nederlandse oliemolen in gebruik. De eerste, want op tal van plaatsen zijn de voorbereidingen voor meer persinstallaties voor Pure Plantaardige Olie in volle gang. Neem het Limburgse Lottum. Het agrarisch loonbedrijf van de gebroeders De Boer daar, heeft inmiddels een half miljoen euro in een PPO-persinstallatie geïnvesteerd. De lokale telersvereniging zorgt voor de aanvoer van koolzaad en neemt de eindproducten af. Dat zijn een perskoek, die als voedzame grondstof voor veevoer gebruikt wordt, en 3 miljoen liter Pure Plantaardige Olie. Die plas is voldoende voor zo’n 10 miljoen milieuvriendelijke kilometers in naar PPO-gebruik omgebouwde trucks. Bravo, want niet alleen het milieu vaart daar wel bij, ook lokale investeringen, werkgelegenheid en niet te vergeten innovativiteit worden ermee gestimuleerd. Wat wenst een kenniseconomie zich nog meer? En toch knakt een staatssecretaris met ‘Meester Doctorandus’ voor zijn naam, met één briefje al deze ontluikende schoonheid. Wat zouden zijn motieven zijn? Even een blik op de ambtelijke pennenvrucht: “... geen innovatie ...”, “.... kiezen voor Biodiesel ten behoeve van bijmenging ...”, , “... wachten op de tweede generatie biobrandstoffen ...”, “... accijnsvrijstelling toegezegd ...”, “... maar toen nog geen biobrandstoffenbeleid ...”, “... nu wel ...”, “... communautaire wetgeving ...” “... beperking accijnsvrijstelling ...”, “... ook voor bestaande projecten ...”. Publicatie datum: 22-2-2006 |
| < Vorige | Volgende > |
|---|


